7e zondag door het jaar

Een prent uit de zestiende eeuw dient als illustratie van de eerste lezing (1 Samuel, 26:2-23). Saul en David zijn in een strijd om de macht verwikkeld. We zien hoe David wegloopt uit de tent van de slapende koning Saul met medeneming van diens lans en waterkruik. Hij had hem kunnen doden, maar beperkte zich tot het meenemen van zijn lans en kruik. Links op de achtergrond staat David op een berg met de lans en de kruik van Saul in de hand. Vóór hem staat Saul. Ze spreken elkaar op afstand toe. David zegt: Hier is uw lans, koning, laat een van uw mannen hem maar komen halen. De Heer had u vandaag aan mij overgeleverd, maar ik heb de hand niet willen slaan aan zijn gezalfde. Saul zegt: Ik heb verkeerd gedaan. Kom terug, ik zal je geen kwaad meer doen, omdat je vandaag zoveel eerbied voor mijn leven hebt getoond.

Uit de zojuist geciteerde woorden van David en Saul blijkt hoe aan het kwaad een halt kan worden toegeroepen door goede daden. David spaarde het leven van Saul uit eerbied voor de gezalfde, Saul beloofde David geen kwaad te doen vanwege de aan hem betoonde eerbied. In de evangelielezing (Lucas 6: 27-38) zegt Jezus ons dat we kwaad niet met kwaad moeten vergelden, maar het moeten overwinnen door het goede en door vergeving te schenken.

Predikant van deze zondag: Peter van Dael SJ

 

About the Author

Krijtberg
Krijtberg
administrator